Je kent dat gevoel vast ook. Je denkt: ik ga even rustig door het leven, minder druk, meer thee met koek. En dan staat er opeens iemand voor je deur met een microfoon en een vraag. ‘Waarom nu weer?’ En jij denkt: waarom niet? Het geld is op.
Zo is het ook met Ali B. Niet dat ik hem persoonlijk ken, hoor. Maar ik ken het gevoel. Je doet jarenlang van alles, je bent overal, iedereen kent je naam. Dan is het stil. En opeens: weer een microfoon. Weer een podium. Weer een ‘evenement voor kansloze ondernemers’. Alsof je denkt: wacht, ik had toch net rust?
Maar goed, rust is relatief. Als je gewend bent aan spotlights en interviews, dan is een lege agenda net zo spannend als een volle. Enfin, zeg ik als iemand die haar eigen agenda vult met het zoeken naar nieuwe thee.
Het gebeurde in Vinkeveen. The Harbour Club. Klinkt als een plek waar mensen met een netvliesverbranding van te veel Excel-tabellen proberen te ontsnappen via een speech van iemand die ooit in de charts stond. Ali B dus. En ja, het ging mis. Hij mocht niet spreken. Te veel herrie. Te veel verleden. Te veel ‘wacht, was hij niet die gast van dat liedje?’
Maar het punt is niet of hij mag spreken. Het punt is: waarom wil hij dat eigenlijk? Omdat het geld op is, zegt hij. En ik denk: ja, dat kan. Maar misschien ook omdat je gewoon niet stopt met praten. Omdat je stem gewoon hoort te klinken. Omdat stilte eng is, ook al heb je jarenlang niks te zeggen.
Ik zeg niet dat het makkelijk is. Maar ik zeg wel: als je ooit in de schijnwerpers hebt gestaan, dan is het moeilijk om opeens te denken: ik ben gewoon weer iemand met een paspoort en een fietsverzekering.
Dus hij probeert het weer. Podium. Microfoon. Publiek. En ja, het mislukt. Maar ik denk: hij probeert het. En dat is meer dan veel anderen doen.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
