Evert Santegoeds zit met een pen in zijn hand. Een pen. Zo’n ouderwets ding dat niets opslaat, nergens automatisch naartoe gaat. Hij kijkt naar een lijst met namen. Eén naam omcirkelt hij. Dan weer door. Zo gaat dat in de redactiekamer van Privé. Geen digitale brainstormsessies, geen Zoom-calls met moodboards. Gewoon: een man, een tafel, een beslissing.
Estavana Polman had een kans. Eentje maar. Niet als atlete, niet als tv-ik-weet-niet-wat, maar als schrijver. Columnist. Iets over lifestyle, relaties, dingen waar mensen op vrijdagavond aan denken terwijl ze wachten op de afhaalcurry. Maar dan komt de moeder om de hoek kijken. Niet letterlijk, hoor. Geen spookverschijning met sluiers en dreigende vingers. Nee. Gewoon: de naam. De schaduw. De energie.
Want als je in de media werkt en je moeder is een bekende figuur met een sterke mening en een harde stem, dan ben jij nooit alleen. Dan komt ze mee. In elke zin. In elk interview. In elke reactie onder een artikel. “Zeg, is dit weer zo’n actie van die moeder?” Zo denkt Evert. En dus denkt hij: nee.
Niet omdat Estavana niets kan. Niet omdat ze geen woorden heeft. Maar omdat het altijd over háár gaat. Niet over de column. Niet over de inhoud. Maar over de achternaam. Over de geschiedenis. Over de vrouw die vroeger ook altijd alles wist.
En Evert wil geen circus. Hij wil geen drama. Hij wil iemand die gewoon kan schrijven. Zonder dat de moeder meekijkt over haar schouder. Zonder dat de discussie begint voordat de tekst is uitgelezen.
Dus blijft de pen stil. De naam wordt doorgestreept. Geen column. Geen start bij Privé. Misschien ooit bij een ander tijdschrift. Misschien in een ander leven. Maar niet nu. Niet hier. Niet met die last op haar schouders.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
