Zaterdag is het zover. Mannen trekken eropuit. Niet om te voetballen, niet om te barbecueën, maar om te lopen. Voor vrouwenveiligheid. En dan zegt Renze Klamer: “Ik weet nog niet of ik meedoe. Ik wil wat leuks doen met mijn zoontje.”
Alsof je zegt: “Ik ga niet naar de begrafenis van oma, ik heb een Netflix-serie begonnen.”
Aan tafel zit Annemarie Lekkerkerker. Ze kijkt alsof ze in een citroen bijt. “Slap excuus,” zegt ze. En ja, het klinkt een beetje slap. Alsof je zegt: “Ik ga niet naar de brandweeroefening, ik moet mijn planten water geven.”
Maar wacht. Is het echt zo erg? Renze wil tijd met z’n zoon. Is dat nu echt minder belangrijk dan een mars? Of is het gewoon onhandig geformuleerd? Want hij zegt niet: “Vrouwenveiligheid? Bah.” Hij zegt: “Ik weet het nog niet.”
Toch voelt het als een tik op de vingers. Alsof de wereld zegt: “Als je een man bent en iets doet voor vrouwen, moet je het volledig doen. Anders ben je een hypocriet.”
Maar moet je nou per se meelopen om serieus genomen te worden? Of mag je ook gewoon vader zijn?
Ik zeg niet dat Renze gelijk heeft. Ik zeg alleen: wees voorzichtig met veroordelen. Want straks moet je ook meedoen aan de kinderdisco van je buurmeisje, anders ben je tegen kinderpret.
De wereld is vol marsen. Mannenmars. Klimaatmars. Mars voor meer koffie op kantoor. Maar soms is de belangrijkste mars gewoon die naar de speeltuin met je kind.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
