Ik zat gisteren thee te drinken, met de afstandsbediening op schoot, toen mijn buurvrouw binnenwandelde met een stapel roddelbladen alsof ze een boodschap van God had gekregen. ‘Eva is weg!’ riep ze. Ik dacht: wie? Eva van de slijterij? Nee, natuurlijk: Jinek. De vrouw die ons iedere avond vertelt wat er speelt, is zelf ook een stukje nieuws geworden.
Abcoude. Dat dorpje waar de bomen nog BN’ers groeien, waar je per ongeluk tegen een bekend aanloopt tijdens het honden uitlaten. Peter van der Vorst woonde er. Nu is hij weg. En nu ook Eva. Alsof het een soort mediakolonie was: ‘Hier wonen de mensen die je op tv ziet, maar niet kent van de kerk.’ Maar Eva kon er niet aarden. Niet grappig bedoeld, maar letterlijk. Ze wortelde niet. Ze bloeide niet op. Ze wilde geen hekjes schilderen of buurtpreken over het afvalschema.
Nu woont ze in Den Haag. Stad van jurken, juridische kwesties en mensen die denken dat ze iets te zeggen hebben. Passend, eigenlijk. Want Eva zégt wat. Iedere avond. In een pakje. Voor de camera. Zonder glimlach van de ziel, maar altijd met een punt erachter.
Waarom vertrekken ze eigenlijk allemaal uit die dorpjes? Is het omdat het te stil is? Te veel kippen? Of juist te veel blikken? Misschien is het gewoon: je kunt niet iedere dag het land vertellen wat er speelt, en dan zelf stilletjes in een tuin zitten met een gazonzaag.
Of misschien is het simpel: Abcoude is te klein voor mensen die iedere avond het nieuws maken. Den Haag dan. Of Amsterdam. Of waar dan ook. Als het maar groot genoeg is voor hun stem, hun garderobe, en hun behoefte om gezien te worden.
Maar ik zeg het maar. Want ik zit hier, met mijn thee, en denk: als jij Eva Jinek bent, en je kunt kiezen tussen een tuin in Abcoude of een balkon in Den Haag met uitzicht op het Binnenhof… waar kies je dan voor? Ik weet het antwoord al. En mijn buurvrouw ook.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
