Vijf keer. Vijf. Keer. Achter elkaar word je aangehouden bij de zelfscankassa. Dan denk je toch: ben ik nou een crimineel of gewoon pechvogel? Evert Santegoeds denkt: ik ben gewoon een zondebok.
Hij komt bij de Albert Heijn, doet zijn boodjes, scant zelf – zoals iedereen – en dan: weer die stem. “Controle, meneer.” Vijfde keer deze maand. Dan kijk je toch raar op. Je voelt je niet meer klant, je voelt je verdachte.
Evert, de man die we kennen van Privé en zijn scherpe blik op de wereld, zegt: “Ik wil een nieuwe bonuskaart.” Niet omdat hij iets te verbergen heeft, nee. Maar omdat hij denkt: misschien is die kaart kapot. Of gekoppeld aan een systeem dat hem persoonlijk haat.
Want stel: het is geen toeval. Stel: zijn kaart is als een soort virus in het systeem. “Klant Evert Santegoeds – extra controleren.” Dan wil je toch een schone start? Een frisse kaart? Een nieuw begin, zonder al die argwaan?
Ik snap hem. Ik word ook al nerveus als ik mijn eigen bonnetje moet tonen. Dan voel ik me al schuldig, terwijl ik alleen een pak hagelslag heb gekocht. Maar vijf keer? Dan denk je: is het de AH? Of is het het lot? Of is het gewoon die ene medewerker die denkt: “Daar heb je hem weer, de man met de grote bril en de grote mond.”
Maar nee. Evert zegt: het is de kaart. En ik zeg: geef hem een nieuwe. Of geef hem koffie. Of geef hem rust. Want als de zelfscankassa je begint te stalken, dan is het tijd voor een upgrade. Van systeem. Of van klantenservice. Of gewoon van uitdrukking op het gezicht van de medewerker die weer moet zeggen: “Controle, meneer.”
Want stel: jij bent gewoon aan het shoppen. En de wereld zegt: “Nee, jij moet bewijzen dat je niets verkeerds doet.” Dan word je ook pissig. Dan eis je een nieuwe kaart. Dan zeg je: “Ik ben geen fraudeur, ik ben een mens met een boodschappentas.”
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
