Een halve miljard, een volle portefeuille, een zucht van verlichting bij de concurrentie. De Europese Commissie heeft Google opnieuw op de vingers getikt — dit keer met een tik van 890 miljoen euro. En alweer is het Brussel dat de rol van schoolmeester op zich neemt, terwijl Silicon Valley met samengeknepen billen de rekening betaalt.
Maar laat me niet sentimenteel worden. Dit is geen morele triomf van de publieke orde over het digitale kwaad. Het is een marktcorrectie met een prijskaartje. En die prijs? Niet te dragen voor Google. Eerder een druppel op een gloeiende plaat. De omzet van Alphabet, de moedermaatschappij, bedraagt jaarlijks ruim 300 miljard dollar. De boete is goed voor 0,3 procent van één kwartaal. Symbolisch. Moreel vertroostend voor de Brusselse ambtenaar, maar economisch irrelevant voor de techgigant.
Wat wél relevant is, is de signalering. De Digital Markets Act is geen wet, het is een ideologisch manifest verpakt in juridische zinsneden. En de doelgroep? Niet de consument. Niet de kleine ondernemer. Maar de Europese politicus, die wil laten zien dat hij de digitale wildgroei kan temmen. Alsof je met een paraplu de oceaan wilt stoppen.
Google heeft — zoals altijd — binnen 24 uur laten weten tegen de beslissing in beroep te gaan. Terecht. Want de logica van de DMA is gebrekkig: zij die schalen, worden bestraft. Innovatie wordt gefinet, niet beloond. En wie wint? De middelmatigheid. De lokale zoekmachine die nooit van de grond komt, maar wel geniet van de bescherming van Brussel. Een digital polder waarin iedereen gelijk is, maar sommigen gelijker zijn — namelijk degenen met een EU-subsidie.
De ironie? Europa produceert geen enkele techgigant meer. Maar we hebben wél een colossale behoefte aan controle. We vervangen groei door governance, marktwerking door maatregelen. En terwijl Google de boete op zijn creditcard zet, groeit TikTok in Europa met 40 procent per jaar. Maar daar zegt Brussel weinig van. Te hip. Te Chinees. Te lastig.
De toekomst van digitale concurrentie ligt niet in boetes van negen cijfers, maar in de moed om ook zelf te durven schalen. Maar daar is de Europese Unie te bang voor. Te beschaafd. Te verlamd door het idee van billijkheid. En dus blijven we met een hamer zwaaien, terwijl de trein al lang is vertrokken.
Met zakelijke groet
,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
Google gebukt onder Brusselse hamer
Share with friends:
