Een glazen bol, een paar kaarten en een vage glimlach. Zo begint het altijd. En nu zegt een paragnost dat Renze Klamer snel van de buis gaat. Alsof de kijkcijfers niet genoeg straffen, moet hij nu ook nog vrezen voor een vloek uit de onderwereld.
Ik zit hier met mijn thee, afstandsbediening in de hand, en denk: moet ik nu ook bang zijn voor tv-presentatoren met een glimlach die niet helemaal overkomt? Of is dit gewoon weer iemand die denkt dat donker zien goed is voor de carrière?
Renze probeert het. Dat is duidelijk. Maar de kritiek regent. En nu komt er iemand met een kaartspel en zegt: “Hij haalt het einde niet.” Alsof we in een thriller zitten. Alsof het einde van een programma afhangt van de helderziende uit Almere.
Ik snap de druk. Je begint met een late-nightshow, iedereen kijkt mee, en dan? Dan moet je schitteren. Maar schitteren is moeilijk als je omringd bent door mensen die zeggen dat je straks weg bent. Zelfs als je niks doet, hoor je: “Hij is er bijna uit.”
Maar weet je wat ik denk? Dat die paragnost het mis heeft. Want Renze is er nog. En hij praat. En hij lacht. En hij probeert. En dat is meer dan genoeg.
De tv is geen glazen bol. De tv is een afstandsbediening, een kop thee en een beetje geduld. En misschien, heel misschien, is dat alles wat we nodig hebben.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
