Weet je wat ik vandaag weer zag? Wilfred Genee, glimlachend als een kerstman die net heeft gehoord dat zijn buik niet van vet is, maar van goodwill.
En dan komt Johan Derksen. Met die snor die al weet wat er gaat komen. “Ik herken die etterbak niet!” roept hij. En eerlijk? Ik snap hem.
Want hoe moet je het noemen als iemand die elke dag iemand aan de tand voelt over zijn scheiding, zijn geld, zijn trauma’s, nu zelf in een liefdesshow zit alsof hij net uit een romcom is gestapt? Is dat groei? Of is dat een cosplay?
Voorheen: “Waarom liep je weg bij je vrouw?”
Nu: “Zou jij met mij op vakantie naar Lanzarote willen?”
Het is alsof je een haai ziet met een roze rokje en een bordje ‘ik ben lief’. Leuk bedoeld, maar kom op.
Johan zit in de studio, kijkt naar het scherm, schudt. Niet boos. Nee. Teleurgesteld. Alsof je je buurman ziet die altijd keihard scheldt op de gemeente, en dan ineens ziet dansen op ‘I Will Always Love You’ bij het dorpsfeest.
Maar weet je wat het gekke is? Misschien is Wilfred echt veranderd. Misschien is hij zó moe van al dat vragen stellen dat hij nu gewoon wil dat iemand aan hem denkt. Misschien is hij, na jaren van “hoe voelde dat?”, eindelijk toe aan “hoe voel ik me?”
Of misschien is het gewoon de volgende stap in de mediacyclus:
1. Scherp zijn
2. Bekend zijn
3. Lief zijn
4. Vergeten zijn
Maar Johan, met zijn snor en zijn waarheid, blijft zitten. Niet mee doen. En daarom mag hij nog steeds.
Want als Wilfred Genee nu poeslief doet, dan is Johan Derksen de enige die nog durft te zeggen: “Waar is de echte gast gebleven?”
En dat is precies waarom we hem nog nodig hebben. Niet voor de moppen. Niet voor de snor. Maar voor de moed om te zeggen: “Nee, dit geloof ik niet.”
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
