Ik zat vanochtend thee te drinken, knapperend met mijn boterham, toen ik hoorde: AvroTros zegt nee tegen Eurovisie vanwege Israël. En Ben Cramer, ooit zelf op het podium met ‘De mallemolen’, zegt: “Raar!” Alsof iemand zijn afstandsbediening heeft gestolen en de zender op ‘stil’ gezet.
Niet dat ik het hem kwalijk neem. Stel je voor: jij bent jarenlang trots op je land, zingt voor Europa met een glimlach en een vlaggetje, en nu zegt één omroep: “Nee, we doen niet meer mee.” Dan denk je toch: wacht, is dit nog televisie of een politieke vergadering in een kruidentheebar?
Maar goed, AvroTros denkt: wij staan ergens voor. Prima. Alleen, als je dan stopt, moet je ook weten: het Songfestival is geen clubje van vriendinnen dat je zomaar kunt schrappen. Het is een circus. Een lawaaierig, glimmend, soms belachelijk feest dat sinds 1956 elk jaar doorgaat. Zelfs tijdens oorlogen, pandemieën en slechte kapsels.
En nu zegt AvroTros: wij zijn eruit. Terwijl de rest van Nederland gewoon blijft kijken, via andere kanalen, op andere schermen. Of op hun laptop, met een oortje in. Want het publiek wil het wel. Zelfs al zegt de omroep: “We kunnen dit niet.”
Ben Cramer roept: “Laat het dan gaan!” Alsof het een oude sofa is die niet meer past in de woonkamer. En hij heeft een punt. Als je het niet meer ziet zitten, geef het dan door. Geef het aan Omroep MAX, of aan een nieuwe partij. Zet het op een andere plek, maar stop het niet gewoon in de kast.
Want het is geen schande om te zeggen: “Dit lukt ons niet meer.” Maar het is wel raar als je het gewoon laat vallen, terwijl iedereen buiten al staat te juichen.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
