Toen ik hoorde dat Chantal Janzen in Parijs rondhuppelde tussen wereldsterren, dacht ik: mooi, eindelijk een foto van haar met Céline Dion op mijn WhatsApp-achtergrond. Maar nee. Geen foto. Geen selfie. Niks. Ze durfde niet. En ik zit hier met mijn thee, teleurgesteld als een kind dat dacht dat Sinterklaas echt bestond.
Niet dat het mij verbaast. Stel je voor: je staat oog in oog met de vrouw die ‘My Heart Will Go On’ zong terwijl de Titanic zonk, en jij moet iets zeggen. Wat zeg je? ‘Leuk jasje?’ Nee, dan maar zwijgen. Dan maar gewoon beleefd knikken, alsof je dat elke dag doet. Alsof je niet stiekem ‘The Power of Love’ zingt in de douche.
Maar goed, het was weer zo’n L’Oréal-feestje. Je weet wel: glimmend haar, glimmende ogen, glimmende vloer. Alles glimt, behalve de kans op een spontane selfie. Want daar is het niet voor. Het is een show. Een circustent zonder olifanten, maar met veel glitter en mensen die naar elkaar glimlachen alsof ze elkaar écht kennen. Terwijl ze gewoon staan te denken: ‘Wie is dat ook alweer?’
Chantal durfde niet. En ik snap het. Want wat als Céline denkt: ‘Wie is die vrouw met die telefoon?’ En dan zegt ze iets in het Frans, en jij staat daar met je mond vol tanden, of liever: met je hand vol telefoon. Nee, dan maar niets. Dan maar onzichtbaar blijven. Dan maar gewoon rondhuppelen, zoals Chantal dat noemt. Alsof je een konijn bent op een modeshow.
Maar ik zeg: durf eens. Stel je voor: jij, Chantal, Céline, één foto. Dan had ik tenminste iets gehad om op te delen. Nu moet ik weer met lege handen aan de koffietafel zitten. ‘Heb je die foto met Céline gezien?’ ‘Nee, want er is geen foto.’ ‘Waarom niet?’ ‘Omdat ze durfde niet.’ ‘Ach.’
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
