Er zat een tijd dat Chantal Janzen gewoon kon zeggen wat ze dacht. Nu? Dan kijken mensen gelijk of ze het op Insram al gezegd heeft. En of het wel past bij hun ‘vibe’. Alsof iedereen een eigen merkje is, net als Ahoy of Dopper.
Ik snap het wel, hoor. Zeg iets, en binnen drie minuten staat het al in een TikTok met de tekst: *‘Dit zei ze… en nu?’* Alsof je een speech hebt gehouden, terwijl je gewoon zei dat je de zomer mis.
Maar Chantal, met haar glimlach en haar krullen, die probeert het nog. Ze stapt het theater in, naar Berlijn van de jaren dertig, waar niemand zweeg en toch iedereen bang was. En nu moet ze in een talkshow zitten en denken: *‘Zeg ik dit? Of wordt mijn hond dan gecancelled?’*
Het is niet laf. Het is overleven. Vroeger was een meningsuiting een mening. Nu is het een test: wie steunt je nog na drie zinnen?
Toen ik nog koffie mocht drinken, dacht ik: zeg gewoon wat. Maar nu? Ik hou mijn mond ook als iemand vraagt of ik de nieuwe aflevering gezien heb. Want stel: ik vind hem saai. Dan denk ik: is dat een misdaad?
Maar goed, ze doet het toch. Terug op het toneel. Niet op een scherm, waar iedereen kan meekijken en oordelen. Maar op een plank, met muziek, verlichting en een publiek dat klapt of niet. Geen likes. Geen shares. Gewoon: of je raakt, of je valt.
En dat is ook al een soort moed.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
