Er is niets gruwelijker voor een merk dan een beetje twijfel. En niets menselijker dan de angst om fouten te maken. Vandaar dat Brett Gaasbeek, met de serieuze blik van iemand die verantwoordelijk is voor miljoenen frikandellen, verklaart dat AI in de creatie bij McDonald’s ‘nog een no-go’ is. Alsof het een zonde is. Alsof het een virus is dat via een PowerPoint kan overspringen.
Maar laten we even stoppen met dit emotionele gekkenhok. Het is niet dat AI niet werkt. Het werkt zelfs uitstekend. Het is sneller, goedkoper, en – als je het slim inzet – creatiever dan de gemiddelde junior copywriter met een latte in zijn hand en een burn-out in zijn agenda. Nee, het probleem is dat het niet mag lijken. Niet hier. Niet bij McDonald’s. Niet in Nederland.
Want hier heerst de polder. En in de polder is efficiëntie verdacht, innovatie verdacht, en iedere stap die ruikt naar ‘automatisering’ direct verbonden aan ‘ontslaggolven’. Dus houdt McDonald’s het netjes: menselijk, warm, authentiek. Alsof de Big Mac niet tot op de millimeter is geoptimaliseerd sinds 1967.
Terwijl Ronald ter Voert en Susanne van Nierop in De Boardroom Live de zoveelste ‘duik’ nemen in het denken van een fastfoodreus, blijft de echte vraag onbeantwoord: wie bescherm je eigenlijk? Het merk? Of de mensen die bang zijn dat hun irrelevante rol binnen drie jaar wordt vervangen door een algoritme?
Want buiten de beschermde bubbel van Nederlandse media-avonden zit de wereld vol merken die AI al inzet – stilletjes, doelgericht, zonder ophef. En die gewoon sneller, scherper, en rendabeler zijn.
Maar ja, hier durft niemand nog te zeggen: ‘We zijn bezig met transformatie.’ Nee, we zeggen: ‘We luisteren naar onze klant.’ Wat een luxe. Wat een tijdverspilling.
Met zakelijke groet
,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
AI mag niet lekken in de fries
Share with friends:
