Er is een vrouw verdwenen. Niet van de zwaarste soort, eerder van het type dat jarenlang net iets te dicht bij een andere zanger stond op het podium. Marianne Weber. Je weet wel: de vrouw met het kapsel alsof ze net uit een windtunnel komt, altijd een stapje achter Frans Bauer, alsof ze bang was dat hij zonder haar zou verdwalen in een muzieknummer.
Nu is zij degene die verdwenen is. En niemand schijnt te weten waar ze zit. Ook Frans niet. En dat zegt wat. Die twee zaten jarenlang als een soort mediapritt vast aan elkaar. Je zag ze samen op affiches, in interviews, op feestjes waar mensen nog dansen met een servetje in de hand. En nu? Stilte. Geen bericht. Geen foto. Geen ‘hallo, ik ben hier’.
Je vraagt je af: wie merkt zo iemand eigenlijk écht op als ze weg is? Niet de buren, want die kennen haar van de tv. Niet de tv, want die laat haar al jaren niet meer zien. En Frans Bauer? Die zegt dat hij ook niets weet. Alsof je een arm mist en zegt: “Hè, waar is die hand gebleven?”
Maar misschien is dat het punt. Misschien was Marianne nooit echt zichtbaar. Altijd naast iemand. Altijd achter iemand. Altijd een beetje in de schaduw van een man met een glimmend overhemd en een glimlach van tien meter. En nu ze weg is, pas dan valt op: oh, die was er ook.
Ik hoop dat ze gewoon lekker op vakantie is. Ergens in een huisje met uitzicht op zee, zonder telefoon, zonder camera’s, zonder plicht om ergens bij te horen. Of misschien is ze gewoon eindelijk eens de hoofdrol gaan spelen. In haar eigen verhaal.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
