Er was eens een vrouw die alles had: glanzende ogen, een glimlach die past op een reclame van tandpasta, en een naam die iedereen kent. Sylvie Meis. Alsof ze uit een doosje kwam getrokken met het etiketje “volmaakt”. Maar volgens Johan Derksen, de man die liever een biertje drinkt dan een soapkijkuus, is er iets mis. Niet met hem, nee. Met haar. Of nou ja, met hoe het loopt. Want liefde? Die blijft weg.
Ze is geen tiener meer, zeggen sommigen. Alsof liefde op je vijftigste automatisch de deur uit loopt, zoals een gast die te lang blijft hangen. Maar Sylvie blijft zoeken. En vinden doet ze wel, hoor. Alleen niet blijven. Exes vliegen eraf als chips uit een zak die te hard wordt geschud. Rafael? Weg. Anderen? Ook weg. Wat is er mis, vragen mensen. Is ze te mooi? Te sterk? Te veel vrouw voor één man?
Johan Derksen, die weet van niks maar zegt van alles, roept: “Wat is er mis met die Barbie?” Alsof ze een foutje in de fabriek is. Maar misschien is het juist het probleem: dat ze eruitziet alsof ze uit een doosje komt. Geen krassen, geen kras in de lak. En misschien willen mensen juist iemand met een deukje. Iemand die ook eens een vieze sok onder de bank laat liggen.
Of misschien is het gewoon pech. Liefde is tenslotte geen casting. Je kunt er niet gewoon voor slagen. Je kunt er niet mooi genoeg voor zijn. Je kunt er niet rijk genoeg voor zijn. En toch: soms blijft het weg. Zelfs als je Sylvie Meis heet.
Ik zeg niet dat ze moet stoppen met zoeken. Ik zeg alleen: soms is liefde geen prijs die je wint. Soms is het gewoon iemand die op een doordeweekse donderdag om tien over acht zegt: “Laten we gewoon samen koffie drinken. Zonder camera’s. Zonder glitter. Zonder oordeel.”
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
