Een prijs voor audio in tijden dat niemand nog luistert. Ironisch? Nee, wanhopig. De Audify Awards 2026 kondigen hun genomineerden aan alsof het Cannes is voor de oren, terwijl de echte concurrentie zich afspeelt in seconden: hoe snel zet iemand een podcast op stil?
De nominaties? Een mix van de gebruikelijke verdachten en wat token innovatie. Net genoeg frisse namen om te doen alsof er sprake is van doorbraak, terwijl de lijst vooral dient om oude netwerken te sussen. De echte winnaars zijn al bekend: de marketeers die genoeg budget hebben om hun eigen buzz te kopen. Want in 2026 draait audio niet meer om inhoud, maar om reach. Om algoritmes. Om het moment waarop iemand besluit: “Doe maar aan.�
De bekendmaking op 1 oktober, tijdens de Dag van de Audio, klinkt als een plechtige herdenking van iets wat al lang dood is. Alsof we een gedenkminuut houden voor de tijd dat mensen nog echt luisterden. Nu is het geluid gewoon backgroundruis bij het scrollen. Een decoratie voor de oren terwijl de hersenen ergens anders zijn.
Maar goed, laat de lintjes maar komen. Laat de presentaties maar duren. Want uiteindelijk is het allemaal een façade. Een poging om relevantie te veinzen in een wereld die geen zin meer heeft in woorden alleen. Wie wint? Degenen met het beste PR-kantoor. Niet de beste stem. Niet de diepste gedachte.
De audio-industrie lijdt aan een chronische vorm van zelfbedrog: ze denken dat luisteren nog een daad is. Terwijl het allang een reflex is geworden.
Met zakelijke groet
,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
De stem in de stad
Share with friends:
