Er zit een man met een kop thee voor de buis. Hij kijkt naar een talkshow. Op het scherm: Thijs Römer. Weer. Die man die vroeger grappen maakte over meisjes die nog op school zaten. Nu praat hij over ‘groeien’ en ‘verantwoordelijkheid’. Alsof hij een workshop volgde, niet een straf kreeg.
Naast de man zit zijn dochter. Zeventien. Ze zet haar telefoon op stuurstand. “Pap, waarom mag hij weer praten? Hij had niks te zeggen.” De man zwijgt. Hij denkt: omdat het goed voor de kijkcijfers is.
Wierd Duk denkt hetzelfde, maar dan harder. Hij schrijft het op. In zijn column. “Weg,” zegt hij. Niet ‘weg met hem’, maar ‘weg met dit idee dat iedereen een tweede kans verdient op prime time’. Want waarom krijgt Thijs Römer een microfoon, en jij niet? Jij, die je excuses maakt op de werkplek zonder camera’s? Waarom is jouw berouw niet ‘story-worthy’?
De tv is geen biechtstoel. De tv is een winkel. En in die winkel ligt Thijs Römer in de etalage. Mooi verpakt. Nieuwe look. Nieuwe woorden. ‘Ik heb fouten gemaakt.’ Natuurlijk. Maar wie beslist wanneer het genoeg is? Mischa Blok? Het publiek? Zijn volgers?
Ik zeg niet: sluit hem voor altijd buiten. Maar geef hem geen podium om te huilen waar hij vroeger stond om te fluiten. Geef hem tijd. Geef hem stilte. En geef ons, als kijkers, het recht om te zeggen: “Niet nu. Niet hier.”
Want als alles vergeven is zodra het goed verteld wordt, dan wordt de tv geen spiegel. Dan wordt hij een wasmachine. En daar komen mensen uit, fris, schoon, klaar voor een nieuwe serie.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
