Ik zat gisteren thee te drinken, met de afstandsbediening op schoot als een oude kat. Zender surfend. En ineens: daar is ze weer. Hélène. Niet de koningin, nee, Hélène Hendriks. Met haar vaste blik, alsof ze net een onaangename mail heeft gelezen.
Je ziet haar bij SBS 6, waar ze praat over dingen die soms klinken als een discussie achter de koffieautomaat van een rechtse vereniging. Maar goed, mensen kijken. Veel mensen. En dat is natuurlijk precies het probleem, als je het aan de NOS vraagt.
Want volgens de NOS is Hélène “te commercieel”. Alsof dat een ziekte is. Alsof ze een virus verspreidt via kijkcijfers. Alsof ze in haar ogen een prijskaartje heeft hangen: “Kijk, ik ben populair, maar niet serieus.”
Maar wacht even. Sinds wanneer is commercieel een scheldwoord? De NOS zit ook niet op de heuvel te bidden tot de waarheid neerdaalt uit een wolk. Nee, ook zij tellen kijkcijfers. Ook zij hebben reclame. Alleen noemen ze het dan “publieksvriendelijk”.
Hélène zegt zelf: “Ik denk dat ik een te commercieel gezicht ben.” Alsof ze het als een gebrek bekent. Maar misschien is dat juist haar kracht. Ze weet wat mensen willen. En of je het nu leuk vindt of niet, mensen kijken.
Ik vraag me af: zou de NOS ooit iemand als Hélène binnenhalen? Stel je voor: Hélène in een grijs pak, achter een bureau, met een serieuze blik. “Goedenavond, Nederland. Vandaag: het belastingstelsel.” Zou het werken? Of zou het voelen als een veganist die een frikandel probeert?
Misschien is het gewoon een kwestie van stijl. De ene kijkt naar SBS 6 alsof het een debat is op de binnenplaats van de kerk. De andere kijkt naar de NOS alsof het een preek is in de stilte van de bibliotheek.
Maar ik zeg: laat de vrouw praten. Of het nu over politiek is of over pannenkoeken. Als mensen luisteren, dan is er iets waardevols. Ook al is het commercieel.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
