Ik zat net thee te drinken. Echte thee, uit een pot. Niet zo’n oplosding. En ik dacht: wat zou Dries Roelvink nu voelen? Niet de zoon. De vader. Die Dries, die we allemaal kennen van vroeger. Die vroeger lachte, zong, leefde. En nu? Nu moet hij dit aanhoren. Zijn zoon, Donny, zegt dingen over vrouwen alsof we weer in de jaren tachtig zitten. Alsof we geen keuze hebben. Alsof we niks zijn zonder een man.
Catherine Keyl zegt het hardop: “Zielig voor Dries dat hij zo’n zoon heeft.” En ja, het klinkt hard. Maar het is ook gewoon waar. Niet omdat Donny kwaad wil, misschien. Maar omdat hij zo’n wereld ziet die er niet meer is. Of gelukkig niet meer hoeft te zijn.
Ik kijk naar mijn afstandsbediening. Die heb ik laatst kapot gemaakt. Gewoon, per ongeluk. Drukte op de verkeerde knop. Zo voelt dit ook. Alsof iemand op de verkeerde knop drukt. Steeds weer. En de rest van de wereld zegt: “Nee, zo werkt het niet meer.”
Maar Donny denkt van wel. Hij vindt dat vrouwen moeten koken. En bidden. En zwijgen. Of zoiets. En ik denk: wie heeft hem dat geleerd? En dan denk ik weer aan Dries. Die ooit zo modern leek. Zo vrij. En nu zit hij daar misschien, met een zoon die alles terugdraait. Terwijl de tijd gewoon doorgaat.
Ik vind het geen show. Ik vind het geen grap. Ik vind het vooral triest. Niet voor mij. Ik red me wel. Maar voor een vader die ziet dat zijn zoon een wereld bouwt die niemand nog wil. Zelfs zijn eigen moeder niet, denk ik.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
