“Bám! Hij ging er doorheen.” Dat zei Ruud de Wild, terwijl hij met grote ogen naar de deur keek. Niet de voordeur. Niet de tuindeur. Nee, de deur van de badkamer. En niet zomaar een deur. Een dichte deur.
Michiel Vos, bekend van Amerikaanse politiek en huizen van beroemdheden, had het niet zien aankomen. Hij dacht: hier woon je als je succesvol bent. Paleizen, beveiliging, dikke tapijten. Maar niemand waarschuwt je voor de scharnieren.
Hij wilde gewoon naar binnen. Waarschijnlijk moest hij plassen. Dat gebeurt. Maar in plaats van kloppen, dacht hij: ik ben een stoere gast, ik duw. En toen – bám – door de deur heen. Of bijna.
Ruud de Wild stond erbij alsof hij een pornofilm regisseerde. Stil. Geschokt. Met een hand voor zijn mond. Niet van boosheid, nee, van verbazing. Wie duwt er nu gewoon een deur kapot?
Vos zei later: “Ik dacht dat hij er was.” Maar Ruud was er niet. Ruud was binnen. En nu had hij een gat in zijn badkamer.
Het is grappig als je erover nadenkt. Deze mannen leven in een wereld van microfoons, camera’s en protocollen. Maar thuis? Dan is het gewoon: bám, de deur eraf.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
