Maurits stond midden in de woonkamer, de krant in één hand, de andere theatraal voor zijn neus. Liefje, zei hij, alsof hij een monoloog opvoerde in een leeg theater. Ik ruik appeltaart. Verse. Met kaneel. Diep in de korst. Echt zo’n flens die je oma maakte, en waar je onbewust naar verlangt.
Carla keek op van haar iPad, waar ze weer eens een interieurproject in Laren aan het finetunen was. Schatje, zei ze zonder opkijken, er wordt niks gebakken. Geen oven aan. Geen boter gesmolten. Geen mens die moeite doet tegenwoordig. En de buren? Vreselijk. Die eten alleen quinoa met citroensap sinds ze een podcast over bio-leven hebben ontdekt.
Toch, zei Maurits, het is er. Heldere, onmiskenbare geur. Alsof iemand net een schaal uit de oven heeft gehaald en trots op tafel zet met ‘geniet maar’ in de lucht geschreven. Hij snuffelde demonstratief langs de boekenkast, alsof de geur zich daar tussen de fotobanden van Wouda had genesteld.
Carla stond op, liep naar het raam, opende het. Niks. Geen rook. Geen gezoem van een oven. Geen gelukzalige bakkersvrouw uit nummer 42 die per ongeluk haar culinaire aura over de straat heeft gesmeten. Ze snoof. En dan, heel even, ook zij. Een zweem. Zo subtiel dat je het zou missen als je niet net zo gevoelig was voor geuren als voor verkeerd gecombineerde gordijnen. Maar er was iets. Onmiskenbaar.
Ze keken elkaar aan. Geen van beiden wilde het zeggen, maar allebei wisten ze: dit was geen truc. Geen herinnering. Geen invasie van nostalgische sporen uit een ver verleden. Het was er. Hier. Nu.
Maurits mompelde iets over geurmarketing, over onbewuste triggers, over optimaal geïntegreerde zintuiglijke ervaringen. Carla snoof nog een keer, schudde haar hoofd. Alsof iemand net een deur heeft opengezet naar een wereld waar appeltaart nog echt appeltaart was. En toen was het weg. Alsof het nooit was geweest.
Ze lieten het hangen. Zoals je dat doet met dingen die je niet kunt verklaren, maar ook niet wilt verpesten door er te veel over te zeggen. Het appartement rook weer naar niets. Of misschien, heel licht, naar succes en stil verdriet.
Maar één ding was zeker: er werd niks gebakken. En toch… het rook het wel zo?
Is dit het? hier is de info
