Er staat een man. Hij heet Rafael. Hij is getrouwd met Estavana. Zij is handbalster geweest. Nu is ze op tv. En nu? Nu wordt ze uitgelachen. Door mannen. Op een programma. Vanaf een bank. Met koffie. En een script.
Harry zegt: Rafael, sta op. Doe iets. Je vrouw wordt kapotgemaakt. Eerst roepen ze: “Wat ben jij sterk, Estavana!” En nu: “Wat ben jij saai, Estavana!” Of: “Wat ben jij raar!” Alsof ze een frietje is. Eerst lekker, dan koud.
Maar Rafael? Rafael zit. Rafael zwijgt. Rafael kijkt. Rafael lacht misschien mee. Wie weet. Ik zit ook vaak. En zwijg ook vaak. Maar niet over mijn vrouw. Dan word ik kwaad. Dan zeg ik: “Hé, dat is mijn vrouw. Niet jouw mop.”
Maar hij is voetballer. Hij is gewend aan lawaai. Aan flitsen. Aan scheldwoorden. Misschien denkt hij: dit gaat ook over. Net als een blessure. Net als een slechte wedstrijd. Wachten tot het over is.
Maar dit is geen wedstrijd. Dit is zijn vrouw. En die wordt elke dag een beetje kleiner gemaakt. Omdat ze niet lacht zoals zij willen. Omdat ze niet knipoogt zoals zij hopen. Omdat ze serieus is. En serieus is blijkbaar saai. In dit land.
Ik zeg niet: Rafael moet vechten. Maar Rafael moet iets zeggen. Niet met vuisten. Maar met woorden. “Laat haar met rust.” “Ze doet haar best.” “Ze is niet hier om gepest te worden.” Gewoon. Menselijk.
Want als niemand iets zegt, denken anderen: het mag. En dan wordt het nooit beter. Dan wordt elke vrouw die serieus is, weer uitgelachen. En elke man die zwijgt, helpt mee.
Dus Rafael. Sta op. Niet voor mij. Niet voor Harry. Voor haar. Voor Estavana. Zeg: “Nee. Dit is genoeg.”
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
