Nou, daar zat ik dan. Mok koffie in de hand, afstandsbediening op schoot, en dan zie ik Hélène Hendriks in zo’n jurk alsof ze net uit een sprookje van Ali Baba is gestapt. Rood, gewelfd, met kralen alsof haar schouders een kerstboom zijn. En dan ook nog dansen tijdens een voetbaluitzending? Alsof het WK een middelpunt is van een sultan’s feest.
Maar goed, het was blijkbaar “iets eenmaligs”. Alsof ze een verklaring afgeeft na een te veel drankjes op het kantoorfeest. “Nee, hoor, dat doe ik nooit meer, echt niet.”
Toch blijf ik er een beetje van wankelen. Want waarom zou je het niet meer doen als het aanslaat? Of juist wel, als het juist niet aanslaat? De kritiek regende erop neer. Alsof Nederland niet gewend is aan een beetje flair. Maar misschien is dat het juist: wij willen geen flair. Wij willen voetbal, geen dans.
Ik snap het wel, hoor. Je zit thuis, je wilt gewoon zien of we winnen, en dan komt ineens een presentatrice in een jurk alsof ze op weg is naar een bruiloft in Casablanca. Dan denk je: wacht, ben ik nu bij Ziggo Sport of bij een realityspecial over culturele verwarring?
Maar anderzijds: waarom niet? Als ze er zelf plezier in heeft, en het publiek reageert, is dat toch media? Of moeten we altijd serieus blijven, alsof we een dodenwake presenteren?
Toch zegt Hélène: nooit meer. Alsof ze een belofte doet aan zichzelf, of aan de kritische kijker. Alsof ze zegt: “Ik weet dat jullie het gek vonden, dus ik doe het niet meer.” En dan denk ik: jammer. Want gek is soms precies wat we nodig hebben.
Maar goed, misschien is het ook wel genoeg. Eén keer dansen in een Marokkaanse jurk tijdens een voetbalwedstrijd is genoeg stof voor een legende. Meer is overdreven. Dan wordt het geen statement meer, maar een repetitie.
Dus ik zeg: rust in jurk, Hélène. Je hebt je moment gehad. En ik? Ik blijf zitten met mijn mok en mijn afstandsbediening. Hopelijk zonder verrassingen.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
