Je weet dat het een rare wereld is als een ondernemersbijeenkomst meer opschudding veroorzaakt dan een nieuwe Netflix-reeks. Maar hier zijn we dan. Ali B, de man die we allemaal leerden kennen via ‘Ik heb een grote mond en een nog grotere stem’, is nu de hoofdrolspeler in een stukje mediagymnastiek waar zelfs een therapeut moe van wordt.
Spreker op een netwerkevenement? In Vinkeveen? Bij The Harbour Club, waar normaal gesproken mensen komen om over duurzame logistiek te praten en niet over trauma’s en reclassering? Ja, hoor. Daar staat hij dan weer. Niet met een microfoon in een spotlight, maar met een PowerPoint over mindset. Of zoiets.
Natuurlijk is er direct geklaagd. “Straks durft hij niet meer!” roept iemand vanaf de bank. Maar wie moet er nou durven? De organisatie die hem vraagt, of de mensen die denken dat vergeven niet hetzelfde is als vergeten? Ik zeg niet dat het goed is. Ik zeg alleen: het is nu een keer zo. En het gebeurt.
De NOS heeft er een item van gemaakt. Niet over de inhoud van het evenement, nee, over de vraag of hij wel of niet komt opdagen. Alsof het een concert in Ahoy is waar iedereen denkt: zal hij wel of niet uit de kleedkamer komen? Maar dan met schuldgevoel en een businesscard.
Wat zegt dit nou echt? Dat we als land gek zijn op een verhaal. Eén fout, één oordeel, en je bent voor altijd de slechterik of de verlosser. Geen ruimte voor tussen. Geen: hij heeft iets gedaan, hij is veroordeeld, hij mag iets zeggen. Nee, het is: of je steunt hem, of je haat hem. En in de tussentijd probeert iemand in Vinkeveen gewoon een netwerkbijeenkomst te redden van de saaiheid.
Ik zeg niet dat het makkelijk is. Maar ik zeg wel: kijk eens naar waar we over praten. Niet over wat er in die zaal gezegd wordt, maar of hij er überhaupt durft te staan. En of wij dat toestaan. Alsof we allemaal de bordenhouder zijn van wat fatsoenlijk is.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
