Naomi viert haar overwinning. Muziek, lachen, glazen die klinken. Een feestje als antwoord op een vonnis. Maar Bernard Sprenger, haar eigen advocaat, kijkt ernaar alsof hij een vieze smaak in zijn mond heeft. ‘Piepklein’, zegt hij. Alsof het om een aardbeienkwarkje gaat, niet om een gevoelig proces.
Hij vond het ‘onhandig’. Alsof iemand tijdens een begrafenis een confettikanon afvuurt. Maar zij denkt: ik heb gewonnen, ik leef. En dat viert ze. Met vrienden, zonder vlaggen, maar met wel plezier.
Ali B? Die zit nu met het beroep dat hij zelf aanspande. En nu moet hij niet twee, maar drie keer slikken. Zijn woede? Vast groot. Maar hier, op deze bank, met deze thee, kijk ik naar Naomi. Ze viert haar vrijheid. En of dat nu past of niet – wie zou haar dat kwalijk nemen?
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Lemme know 😘
