René Froger zegt nee. Gewoon. Kort. Duidelijk. Gordon wilde terug bij De Toppers. Droom van jaren. Zingt nog steeds in de auto mee met ‘Wij zijn weer terug’. Maar René denkt er anders over. “Genoeg collega’s,” zegt hij. Alsof hij een taart deelt en iedereen al een stuk heeft.
Gordon biedt zich aan. Netjes. Met glimmende ogen. Alsof hij een baantje zoekt bij de supermarkt. “Ik doe alles!” roept hij bijna. Maar René schudt zijn hoofd. Tino Martin en Mart Hoogkamer zijn al binnen. Twee stoelen bezet. Gordon blijft staan. Met zijn jas nog aan.
De Toppers zitten in een dip. Gerard Joling is weg. Na 21 jaar. Dat is lang. Langer dan sommige huwelijken. Dan denk je: wie vult dat op? Gordon lijkt logisch. Zingt hard. Kijkt vrolijk. Maar René denkt: te veel van het goede. Alsof je bij de friet een tweede portie mayonaise bestelt. Mooi bedoeld. Maar te veel.
Gordon bungelt. Dat is het woord. Niet binnen. Niet buiten. Gewoon… bungelen. Zoals een sok aan een waslijn. Iedereen ziet hem hangen. Maar niemand doet iets. Is het oneerlijk? Misschien. Maar in de muziek gelden rare regels. Het is geen democratie. Het is een groep vrienden met een versterker.
René zegt: “We zijn een team.” Alsof hij een voetbaltrainer is. En Gordon is de speler die nooit wordt opgesteld. Zelfs niet in de tweede helft. Terwijl hij elke dag traint. Zingt in de douche. Oefent het dansje. Maar de selectie is koud.
Misschien is dit het leven van een zanger. Soms word je geroepen. Soms blijf je wachten. Gordon wacht. Weer. Net als vroeger. Toch houdt hij hoop. Want als het licht uitgaat en de muziek begint… dan is alles mogelijk. Behalve een plek in De Toppers. Voor nu.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
