Ik zat gisteren thee te drinken, terwijl de tv stond aan. Gewoon, voor de sfeer. En daar schuift Victor Vlam weer aan bij een talkshow, alsof hij de oplossing is voor het mankement van de wereld. Alsof iedereen wacht op zijn mening over het weer, de economie, en of de aardappel wel genoeg zout heeft gehad.
Maar dan komt Hugo Borst. En die zegt gewoon: ‘Victor Vlam is de grootste ijdeltuit op televisie.’ Alsof hij een kop thee inschonk. Gewoon, terwijl hij zijn schort afbond. En weet je wat? Ik moest bijna lachen. Want hij heeft gelijk. Niet dat ik Victor haat. Nee hoor. Maar hij komt zo vaak langs dat je denkt: is er een tekort aan andere mensen in Nederland?
Het is een beetje treurig, zegt Borst. En ik denk: ja, een beetje wel. Niet omdat Vlam denkt dat hij slim is. Maar omdat niemand durft te zeggen: ‘Victor, we hebben je deze maand al zes keer gehad. Ga eens fietsen.’
Talkshows zitten met een probleem: vrouwen zeggen vaker nee tegen uitnodigingen. Mannen overschatten zichzelf. Dus zitten ze weer met vijf heren van rond de zestig, allemaal met een bril op het puntje van de neus, en Victor in het midden alsof hij de paus van de panelcultuur is.
Maar Hugo Borst zegt het gewoon. En dat is verfrissend. Niet uit haat. Maar uit moeheid. Uit: ‘Moeten we dit nou elke week?’ Het is alsof je elke zondag dezelfde taart krijgt. Lekker, ja. Maar na twintig keer? Geef me nou eens appeltaart.
Ik zet de tv uit. Zet een nieuwe thee. En denk: misschien is het tijd dat we allemaal iets minder zeggen. Behalve Hugo. Die mag nog even doorgaan.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
