Transparantie is nooit een morele keuze geweest. Het is een juridische noodzaak. En daarom, niet uit gewetensnood maar uit regelgeving, kondigen NPO, DPG Media, Mediahuis en Talpa richtlijnen af voor het gebruik van AI. Alsof ze spontaan besloten hebben om eerlijk te zijn. Alsof het een daad van journalistieke integriteit is. Het is een compliance-formulier met een PR-label erop.
Aanleiding? De Europese AI Act. Natuurlijk. Want zolang er geen wet is, is ethiek een hobby. Pas als Brussel dreigt met sancties, schieten de grote spelers in de houding. Dan komt men met ‘richtlijnen’, ‘transparantie’ en ‘verantwoord gebruik’. Alsof we nooit hebben gezien hoe snel een nieuwsredactie een deepfake zou gebruiken als het kijkcijfers oplevert.
Maar hier zit het dilemma: als je zegt ‘dit is met AI gemaakt’, wat verandert er dan? De kijker klikt toch. De oplage stijgt nog steeds. De advertentie-omzet loopt niet terug. Transparantie is geen rem. Het is een sticker. Een etiket op een product dat je toch koopt. Net als ‘kan sporen van noten bevatten’ op een pak beschuit. We lezen het, we slikken het, we blijven consumeren.
De echte vraag is niet of we het melden, maar waarom we het doen. Bespaart het personeel? Verhoogt het de snelheid? Of is het gewoon een excuus om redacties verder uit te dunnen onder het mom van ‘innovatie’? Want daar gaat het om: schaalvergroting tegen lagere kosten. AI is geen tool voor betere journalistiek. Het is een instrument voor lagere personeelslast.
En toch. De wet dwingt tot openheid. Dus geven ze die openheid. Vrijwillig, alsof het een keuze was. Maar wie denkt dat deze richtlijnen geboren zijn uit een diepe zorg voor de waarheid, heeft nog nooit een begrotingsvergadering meegemaakt in een mediabedrijf dat jaarlijks 3% moet besparen om de aandeelhouders tevreden te houden.
Transparantie is de nieuwe camouflage. Je zegt wat je doet, zodat niemand vraagt waarom.
Met zakelijke groet
,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
De verplichte zuiverheid
Share with friends:
