De zorgeloze lach van Thijs Boon, geflankeerd door een glas rosé op een zondagmiddag in Amsterdam-Zuid, is sneller verdwenen dan de laatste freelancers die nog wachten op hun factuur. Zesennegentigduizend euro. Voor een legendarische creatieve huisstijl, een naam die ooit als een banier wapperde boven de puinhopen van de conservatieve reclamewereld, is dat een belediging met een glimlach. Een bedrijf dat ooit de regels van de communicatiebranche herschreef, wordt nu op de veilingbank gesmeten voor het prijskaartje van een goed gebouwde loft in Almere.
Maar het gaat hier niet om sentimentaliteit. Sentiment is een luxe voor wie geen spreadsheets hoeft te lezen. Het gaat om structuur. Om schaal. En om de grote, ongemakkelijke waarheid: de creatieve revolutie is dood, lang leve het rendement. KesselsKramer was nooit bedoeld als machine voor kwartjes. Het was een opstand, een gebaar, een anti-agency. En precies daardoor onhoudbaar in een wereld waarin Private Equity met een stopwatch in de hand over de vloer loopt en vraagt: ‘Waar is de groei?’
De nieuwe eigenaar – een naam die nog rolt van de tong alsof het een advocatenkantoor is – betaalt 60.000 euro voor een merk dat ooit miljoenen waard was in goodwill alleen. Wat zegt dat? Dat creativiteit niet meer betaalt. Dat uniek zijn geen businesscase meer is. En dat de vrije professional, de eenpitter met het briljante idee, in feite een risico is geworden. Geen activa, maar een lastpost. Een factuur die vergeten wordt, een naam die verdwijnt tussen de Excelregels.
Boon belooft iets te bedenken voor de freelancers. Mooi. Maar wat? Een collectieve troostvergoeding? Een workshop over ‘resilientie in de creatieve economie’? Of gewoon een fles wijn met een handgeschreven kaartje: ‘Het spijt me, maar de markt is markt’? De ironie is dat KesselsKramer ooit de moed had om te zeggen: ‘We doen het anders.’ Nu is het anders geworden, zonder dat iemand het doorhad. De pioniers zijn weg, de huurders zijn gebleven.
De waarheid? Niemand koopt meer rebellie. Men koopt groeimarges. En wie denkt dat een creatief bedrijf kan overleven op ‘passie’ en ‘authenticiteit’, kan net zo goed een stuk grond kopen in Flevoland en hopen op goud.
De creatieve klasse is niet ontslagen. Ze is gewoon ondergewaardeerd. En in de economie van nu, is onderwaardering hetzelfde als overbodigheid.
Met zakelijke groet
,
Maurits Droogleever Fortuyn
Hoofdredacteur Redia.nl | Media Business
KesselsKramer één geval van miljardenmalaise
Share with friends:
