Je ziet het zo vaak: iemand loopt weg via de achterdeur, de rest staat voor de buitendeur te wachten met vragen. Zo ook bij Wilfred Genee na de VI-bijeenkomst. Hij glipt weg, Hélène Hendriks zegt niks te weten van een topoverleg. Alsof er een vergadering was over koekjes en koffie, en niet over de toekomst van een hele uitzendkrant.
Ik zit hier met mijn thee, afstandsbediening in de hand, en denk: waarom liep hij weg? Niet eens ‘dag’ zeggen? Alsof je bij een vriendin bent, de sfeer klopt niet, en je stapt stilletjes via de tuin naar huis. Geen gedag, geen dank, niks.
Hélène zegt: ‘Ik wist van niks.’ Alsof ze net binnenkwam van de supermarkt. ‘Topoverleg? Welk topoverleg? Ik was aan het strijken.’ Maar iedereen weet dat er iets speelde. Als er geen rook is, is er geen vuur. En hier hangt de geur van verbrande agenda’s.
Wilfred is geen onbekende. Hij zit in het bloed van VI. Als je hem weghaalt, is het alsof je de koffie weghaalt uit je ochtend. Dan werkt het niet meer. Dus natuurlijk praten ze over hem. Natuurlijk bespreken ze wat nu. Maar waarom dan zo stiekem? Alsof het een geheime missie is.
En Hélène? Zij zegt niks. Misschien wist ze echt niks. Of misschien is dit haar manier: stil zijn, afwachten, niet in de camera’s vallen. Slim, eigenlijk. Terwijl anderen schreeuwen, blijft zij rustig. Maar stilte zegt ook iets. Soms zegt het alles.
De achterdeur is geen toeval. Die kies je als je weet dat voren te druk wordt. Wilfred wist wat hem te wachten stond. Of hij wilde het niet weten. Of hij wilde niet dat wij het wisten.
Maar wij zien het toch. Wij zitten hier, met onze kop thee, en kijken naar de achtertuin. En wij zien wie er wegloopt.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
