Ik zat gisteren thee te drinken, luisterde naar de ochtendshow. Gewoon, uit gewoonte. Alsof er niks aan de hand is. Maar goed, Gordon was er al niet meer. Zijn stem, bedoel ik. Die hoor je niet meer. Alsof iemand stilletjes de verwarming heeft uitgezet. Je merkt het pas als je rilt.
Het AD roept het van de daken: de stekker gaat er definitief uit. Niet tijdelijk, niet ‘voor evaluatie’, nee: definitief. Alsof je een oude lamp weggooit die nog wel brandt, maar niet meer past bij het nieuwe interieur. Gordon, de man met de stem van vroeger, is blijkbaar zo’n lamp geworden.
Hij begon vol enthousiasme op Radio 10, maar de cijfers? Laag. Te laag, zegt Talpa. En terwijl de luistercijfers zakten, steeg de ergernis. Gordon vond het gek, logisch. Hij doet toch gewoon zijn ding? Maar in de media telt alleen wat meet. En wat niet meet, verdwijnt. Zonder fanfare. Zonder afscheid. Bijna zonder ophef.
Ik vraag me af: wie mist hem nou echt? De luisteraar? Of juist niet? Want tussen de luisteraars die wegdropen en de adverteerders die weglopen, is er blijkbaar geen ruimte meer voor sentiment. Geen plek voor een stem uit het verleden. Zelfs niet als die stem ooit goud waard was.
Radio is geen theater. Het is een machine. En machines stoppen als ze te traag draaien. Gordon wordt ertussenuit gehaald, als een oude tape in een wereld van streaming. Niemand roept ‘wacht!’, niemand huilt. Alleen de stilte na zijn slotplaatje voelt een beetje raar.
Liefs, Carla
Carla’s Column | Nieuwtje? Let me know 😘
